December 11, 2025
Interview met zangeres Roufaida
‘Als ik in het Arabisch en Riffijns zing, gebeurt er iets met me. Ik snap zelf ook nog steeds niet precies wat’
De Nederlandse popzangeres Roufaida schuwt op haar debuutalbum ‘Coming Up For Air’ het politieke statement niet. Aan de hand van vier nummers licht ze haar boodschap toe, die neerkomt op een oproep tot actie.
‘The Palestinian struggle/ is not just a cry for justice.’ Met die woorden opent de Nederlands-Marokkaanse zangeres Roufaida (31) haar debuutalbum. Geen voorzichtig instrumentaal voorspel, nee, de eerste regel schopt direct een grenspaal omver. ‘Ik wilde meteen duidelijk maken naar wat voor album je gaat luisteren’, zegt ze met een grijns in een restaurant in Utrecht over haar uitgesproken debuut.
Roufaida Aboutaleb (de dochter van oud-burgemeester van Rotterdam Ahmed Aboutaleb) is al jaren vast onderdeel van de Nederlandse muziekscene. Eerst in het collectief Southbound, later solo, maar nu is er sinds dit najaar eindelijk haar langverwachte debuut, Coming Up For Air, een sterk maatschappelijk geladen album.
Muzikaal beweegt Roufaida tussen indiepop en Noord-Afrikaanse tradities; tussen elektronische texturen en guembri-lijnen. Ze vond gaandeweg een eigen taal – of eigenlijk drie: Engels, Arabisch en Riffijns. Roufaida maakt muziek vanuit een identiteit die niet uit één wortel groeit, maar uit vele. Dat is geen innerlijk conflict, legt ze uit, maar een voortdurende oefening. ‘Het album reflecteert mijn positie in een diaspora – een patchwork identiteit met zowel een Noord-Marokkaanse als een Nederlandse achtergrond. Als ik in het Arabisch en Riffijns zing, gebeurt er iets met me. Ik snap zelf ook nog steeds niet precies wat.’
Vier nummers vormen de ankers van het album waarmee de contouren van Roufaida’s verhaal zichtbaar worden: politiek (Ken Ness), zichtbaarheid (Human), erfenis (Pillows) en cultureel erfgoed (Li Beirut). Het zijn die vier tracks waarlangs het gesprek zich verder ontvouwt.
Ken Ness – de politieke bouwsteen
De openingstrack Ken Ness is de morele ruggengraat van het album. In het refrein klinkt de regel:
Like people we travel,
But we return nowhere
De woorden, afkomstig van de Palestijnse dichter Mahmoud Darwish, vormen tegelijk een politieke en persoonlijke spiegel. ‘Het is in eerste instantie een regel over Palestina; het morele vraagstuk van deze tijd’, zegt Roufaida. ‘Maar het raakt ook aan mijn eigen ervaring als minderheid in een islamofoob, xenofoob land.’ Ze lacht even verontschuldigend als ze dat zegt, alsof het hardop uitspreken automatisch te groot klinkt. Maar toch: ‘Als politici hardop speculeren over het intrekken van paspoorten van mensen met een dubbele nationaliteit, dan komt zo’n regel ineens heel dichtbij.’
Het nummer, en eigenlijk het hele album, gaat over in actie komen. Roufaida moedigt mensen aan om op te staan voor verandering en is ervan overtuigd dat kunst iets kan verschuiven. En, zegt ze ernstig, ze staat daarin niet alleen: ‘Steeds meer kunstenaars en artiesten gebruiken hun stem. Dat vind ik bemoedigend.’
Human – tussen zichtbaarheid en bestaansrecht
Waar Ken Ness het wereldtoneel opgaat, richt Human zich op het individu. Het nummer klinkt als een gesprek: soms met iemand die luistert, soms met een systeem dat dat juist weigert:
Why do I have to hide
And deny a given
I am not a villain
I am just as much human
‘Het werkt soms goed om je gevoelens aan een fictief persoon te richten’, zegt ze. Tijdens het maakproces van het album besefte Roufaida dat haar ervaringen met islamofobie geen incidenten zijn, maar ingebed in de westerse samenleving. Dat inzicht maakte dat een nummer als Human niet langer privé kon blijven. ‘Als iets herkenbaar is – vooral voor mensen met een migratieachtergrond – dan hoort het op een podium thuis.’
Li Beirut – het cultureel monument
Halverwege de plaat klinkt Li Beirut, een iconische compositie van de Libanese zangeres Fairuz: een instituut, van wie de muziek voor velen in de Arabische wereld de ochtend inluidt. Een westers equivalent bestaat nauwelijks, zegt Roufaida – juist daarom voelde het ongewoon gewaagd om haar te coveren.
‘Veel mensen verklaarden me voor gek’, zegt ze, licht grinnikend. ‘Maar het voelt goed als ik het zing.’
Zij is wijn uit de ziel van het volk,
brood en jasmijn uit hun arbeid.
Hoe kon haar smaak veranderen in vuur en rook?
(vertaald uit het Arabisch)
Tijdens een Arabische taalopfriscursus ontdekte ze het nummer opnieuw. ‘Ik wilde graag in het Arabisch zingen’, zegt ze. ‘Maar ik moest daarin eerst vertrouwen krijgen. Li Beirut was de eerste stap om te voelen hoe die taal in mijn mond ligt.’ Een akoestisch arrangement volgde. Later een podium. En nog later een belangrijke plek op haar debuut.
Pillows – de erfenis die verschuift
Pillows is misschien wel het intiemste moment op Coming Up For Air. Het nummer gaat tegelijk over de generatie vóór als ná haar, over de manier waarop iedere generatie iets doorgeeft – en iets achterlaat.
We got shoulders
For them to stand on
We got pillows
For them to land on
‘Je wint iets en verliest iets bij elke overdracht’, zegt Roufaida. ‘Wij spraken thuis geen Tamazight, terwijl dat de oorspronkelijke taal is van mijn ouders. Dan gaat er een belangrijk cultureel aspect verloren. In plaats daarvan krijg je iets anders terug. Ik ben de talige persoon geworden omdat mijn ouders me zo zorgvuldig Nederlands hebben geleerd, en me elke week meenamen naar de bieb.’ Nu staat ze als ouder zelf op dat kruispunt. Wat blijft, wat verschuift verder en wat geeft ze haar dochter van 2 jaar mee? Ze ademt diep in en zegt: ‘Ik hoop dat wat ik muzikaal achterlaat haar ook iets brengt.’




